Tijdens hun stage bezochten ze onder andere opvanglocatie Het Klooster. Daar zagen ze hoe cliënten worden begeleid en ondersteund. Dat maakte veel indruk. “We zagen hoe goed mensen hier worden opgevangen. Nu begrijpen we echt waarvoor jullie het doen,” vertellen ze. Tegelijk beseften ze ook hoe zwaar het werk kan zijn. “We hebben veel respect voor de medewerkers, maar dit werk zouden wij zelf niet snel doen.”
De meiden waren verrast door de grootte van de organisatie en de diversiteit aan afdelingen. Wat hen vooral opviel, was dat veel bewoners een eigen kamer hebben en trainingen kunnen volgen, zoals taallessen. Ze vonden het sterk dat daar zoveel aandacht voor is.
Ze liepen mee bij verschillende ondersteunende diensten. Op de financiële administratie werkten ze mee en controleerden ze of bedragen, bonnetjes, data en locaties met elkaar klopten. Dat vonden ze een leuke en concrete opdracht. Ook bij HR kregen ze uitleg over het werk, al konden ze vanwege privacy niet overal bij meekijken. Wel bespraken ze voorbeelden van praktijksituaties en hoe je daar als organisatie mee omgaat.
Bij planning ontdekten ze hoe ingewikkeld roosters zijn, vooral bij ziekte en onverwachte wijzigingen. Rekening houden met alle medewerkers en cliënten bleek een flinke puzzel. De conclusie was duidelijk: planner worden is niets voor hen.
“We dachten dat een rooster maken simpel was, maar er komt echt veel meer bij kijken dan je verwacht.”
Op de zorgadministratie hielpen ze bij het controleren van zorgminuten per cliënt per maand. Ze zochten uit waarom uren soms niet gehaald worden, bijvoorbeeld door vakantie of omdat iemand geen zorg wilde ontvangen. Dat vonden ze lastiger, maar wel leerzaam.
Daarnaast liepen ze mee met ICT en communicatie. Bij ICT leerden ze meer over privacy en digitale veiligheid. Zo ontdekten ze waarom het belangrijk is om verschillende wachtwoorden te gebruiken. Bij communicatie zagen ze hoe websites en andere middelen worden ontwikkeld. Dat sprak hen aan, net als het meedenken over presentjes.
De afdeling beleid vonden ze extra interessant. Hier leerden ze hoe binnengekomen klachten worden behandeld. Ze zagen hoe klachten worden onderzocht, waar ze vandaan komen en welke stappen worden gezet om tot een oplossing te komen en herhaling te voorkomen. Het uitzoekwerk en het nadenken over verbeteringen sprak hen erg aan.
“Het onderzoeken van klachten en uitzoeken hoe iets beter kan, vonden we misschien wel het leukste om te zien.”
Hoewel hun eigen toekomstplannen ergens anders liggen (Elize denkt aan diergeneeskunde en Lynn aan een rechtenstudie), kijken ze positief terug op hun stageweek. Ze leerden hoe breed het werkveld is en hoeveel samenwerking er nodig is tussen afdelingen.
Hun eindoordeel is helder: CVD was voor hen vooraf onbekend terrein, maar groeide in een week uit tot een organisatie waar ze veel waardering voor hebben gekregen. Zoals ze het zelf samenvatten: een organisatie waarin iedereen een schakel is in het geheel.