In september 2020 ontvingen we een mail van Marijn en Rafael:

“Wij zijn Rafael Philippen en Marijn de Jong, wij zijn fotografen. 

Sinds enige tijd werken wij aan een project over de Rotterdamse wijk Kralingen. Hiervoor portretteren we mensen die we in de wijk ontmoeten. Daarnaast fotograferen we plekken op straat en de omringende natuur. Ons project heeft als titel ‘Contact’, via de fotografie willen we contact leggen met de omgeving. Ons project wordt mede mogelijk gemaakt door het CBK Rotterdam (Centrum Beeldende Kunst). Is het mogelijk om bezoekers op locatie Havenzicht te portretteren?”

Teamleider Lieke zag het gelijk zitten maar… ja, corona dus. Gelukkig bleef het contact warm en kon Marijn een jaar later toch aan de slag. Inmiddels heeft hij voldoende portretten kunnen maken en ik spreek hem op Havenzicht om te vragen hoe het gegaan is.

Hoeveel bewoners heb je voor de camera kunnen krijgen?

“Ik heb er een stuk of vijftien geportretteerd, iets meer zelfs. Het is bijzonder om de mensen te spreken en het is goed om een heel klein beetje zicht te krijgen in hoe dat nou komt dat ze hier zitten.”

Wat is de rode draad volgens jou?

“Dat het toch ergens een… “ hij aarzelt. “Het is moeilijk om daar goede woorden voor te vinden, maar ik denk dat het met vertrouwen te maken heeft. Dat er ergens het vertrouwen in mensen is beschadigd. Dat mensen geen vertrouwen meer hebben in anderen en daardoor ook moeilijk in een sociale kring kunnen passen. Je verdwijnt in jezelf, je bent dan alleen en als je alleen bent is het veel moeilijker om je staande te houden. Dat haal ik een beetje uit alle gesprekken die ik heb gevoerd. Een Surinaamse vrouw die een half jaar op straat heeft gewoond sprak ik hier. Haar grootste zorg was toen dat ze niemand kon vertrouwen, dat dat zo eenzaam is en dat je altijd bezig bent om jezelf te beschermen als je op straat leeft.”

Hoe verliepen de gesprekken?

“Het is moeilijk om in contact te komen. Ik ben een buitenstaander, een man met een statief en een camera. Niet iemand die je dan persé kan vertrouwen. Maar als ik dan lang genoeg hier was dan gebeurde er meestal wel iets, dan kwam ik op een onverwachte manier toch in contact. Op de woonafdeling ben ik heel goed geholpen door het personeel dat mij voorstelde aan de bewoners. Zonder dat personeel was het daar niet gelukt. In de dagopvang ben ik wel op mensen afgestapt, sommige hadden er geen zin in, die werkten dan niet mee, anderen vonden het juist heel fijn om geportretteerd te worden en wilden het liefst uren gesprekken voeren”

Wie is je het meest bijgebleven?

Bijna direct: “Dat meisje van 23. ‘Het lukt gewoon niet’ zegt ze. Ze zit hier radeloos te zijn. Dat heeft me erg aangegrepen. Terwijl ze jeugdig en gezond is en mogelijkheden heeft, lukt het toch niet. Ze is nu aan het wachten tot er een situatie komt die haar verbetering zal brengen. Maar ze weet niet hoe lang ze daarop moet wachten en eigenlijk ook niet eens waaróp ze precies moet wachten. Een hele deprimerende toestand, dat wachten. Wachten op hulp die er dan moet komen om jou uit deze situatie te halen, het verlamd zijn, niet in staat zijn om zelf iets te doen.”

Soms kom je ook in een traag bureaucratisch monster terecht.

Fel: “Precies dát! Dat werkt verlammend, het overgeleverd zijn aan.. Ze gebruikt geen drugs of drank, dat scheelt. Het komt ook door haar jeugd, dat je aan het begin staat en dat er dan zo tergend moeizaam een verandering komt. Die verhalen van mensen die in de 70 zijn, die zijn ook heftig maar die kijken erop terug. Daar heb ik bijzondere verhalen gehoord” zegt hij lachend.

Vertel eens?

“Een man van 78, die in zijn jonge jaren als elektricien is begonnen op schepen en boorplatforms. Op een bepaald moment werd hij arbeidsongeschikt verklaard, waardoor hij op zoek is gegaan naar iets anders. Hij had besloten om masseur voor vrouwen te worden. Daarnaast heeft hij ook een tijd gezworven en de natuur gefotografeerd. Hij heeft vijf dochters bij twee vrouwen. Ik vond dat een bijzondere combinatie van dingen. Het is niet echt duidelijk hoe hij hier terecht is gekomen, maar hij zit hier wel al 20 jaar. Eigenlijk vind hij het hier niet oké omdat ze aan zijn hoofd zeuren dat hij ergens anders heen moet, maar,” lachend, “maar hij wíl ook eigenlijk niets anders en waar zou hij dan naartoe moeten? Hij wil ergens kunnen wonen waar hij welkom is, waar hij er mag zijn. Ik geloof dat hij 78 is. En Ik hoorde nog een verhaal van iemand die op een schip had gezeten. Een matroos die in elk stadje een schatje had en die elf kinderen bij verschillende vrouwen heeft verwekt. Hij is een beetje een oude hippie die, zo vertelt hij, zelfs in een soort schandaal betrokken is geraakt. Hij noemt het zelf ‘van miljonair tot Havenzicht’ omdat hij op clandestiene wijze heel veel geld heeft verdiend en dat ook allemaal weer is kwijtgeraakt. Dan was er ook een man uit Portugal die huisschilder was en door corona zonder werk kwam te zitten. Hij heeft nog een tijdje in zijn auto gewoond. Hij heeft nu een fijne mentor en is al aardig terug op de rit aan het komen. Het is een jonge man die zin heeft om aan het werk te gaan. Niemand wil hier zitten hè. Niemand vindt het leuk hier, het is geen hotel, allemaal ‘regels en gedoe’.

In eerste instantie wilde je het materiaal gebruiken voor een fotoboek. Is dat nog steeds de bedoeling?

“Ja nog steeds. Ik werk met een collega-fotograaf aan een boek over Kralingen en IJsselmonde. Dat is ontstaan aan het begin van de corona-crisis, maart 2020, dat hebben we bedacht toen alles stil kwam te liggen. We konden alleen bedenken dat we in contact wilden zijn met onze omgeving. Toen zijn we de omgeving waarin we wonen gaan fotograferen, veel in het bos, veel landschappen en portretten van mensen die we kenden en mensen op straat en uiteindelijk kwam deze plek, Havenzicht, als enige waar we nog niet waren geweest, terwijl het toch een hele belangrijke is. Het is een plek waar je naar toe kan als je het niet redt, en dat is in de samenleving heel belangrijk denk ik. Het project gaat over het in contact komen en zijn met je omgeving, aandacht hebben voor wat er is. Fotografie is daar een goed medium voor; daarmee kun je het zichtbaar maken. Dat wilden we hier dus ook doen. Het doel was om een paar portretten te maken die goed zijn, die in dat boek passen en dat is geloof ik wel gelukt” lacht hij bescheiden. “De verhalen erbij had ik natuurlijk wel kunnen weten maar het viel me nu weer op hoe bizar ze eigenlijk zijn en hoe fijn mensen het vinden als er iemand is die luistert. Ik was er met een soort hyperaandacht. Ik vind dat heerlijk om te doen.”

Wat zijn je plannen nu?

“Deze maand richten we een tentoonstelling in bij Verhalenhuis Belvédère op Katendrecht. Ons boek zal dan ook klaar zijn. Voor mijn gevoel heeft het project híer een open einde. Als ik mensen vaker portretteer dan bouw ik een band op. Het werk wordt eigenlijk pas echt interessant als ik er ruim de tijd voor neem. Soms zie ik in het gesprek een hele intense blik, die dan niet naar voren komt bij het maken van het portret. Dat is iets waar ik mijn aandacht meer op wil vestigen. Maatschappelijk gezien is het dakloos zijn best wel een ding nu met de hoge huizenprijzen, een eigen huis wordt minder vanzelfsprekend.”

Meer werk van Marijn vindt u hier.